Sinds de banale fratsen van Sacha Baron Cohen als de Kazachstaanse journalist Borat kijkt een groot deel van de wereld onterecht anders naar Kazachstan. De Kazachstaanse filmmaker Sergei Dvortsevoi schept met Tulpan een mooi en belangrijk tegenwicht.
De jonge Kazachstaan Asa (Askhat Kuchencherekov) heeft zijn diensttijd bij de Marine achter de rug en keer terug naar de steppen. Daar woont zijn zus Samal (Samal Esljamova) met haar man Ondas (Ondas Besikbasov) en hun kinderen. Breed hebben ze het niet en de schamele inkomsten uit het houden van schapen zijn amper toereikend. Het wordt mede daarom tijd dat de vrijgezelle Asa een vrouw vindt en op eigen benen gaat staan. Het enige meisje dat in de wijde omtrek in aanmerking komt is Tulpan. Nadat Ondas en Asa alles in het werk hebben gesteld om de aanstaande schoonfamilie gunstig te stemmen lijkt er geen vuiltje aan de lucht. Maar tot grote ontsteltenis en teleurstelling van Asa ziet Tulpan een huwelijk met hem helemaal niet zitten en weigert. Tulpan vindt dat Asa te grote oren heeft en wil gaan studeren om het leven op steppe achter zich te laten. Asa ziet zijn droom in lucht opgaan maar gooit het bijltje er niet bij neer. Hij besluit Tulpan het hof te maken en haar ervan te overtuigen dat hij toch echt de ware voor haar is.
De voormalige documentairefilmer Sergei Dvortsevoi levert met Tulpan zijn speelfilmdebuut af. Het oog voor detail en realisme is gebleven, met als hoogtepunt de geboorte van een lam en een bijzonder grappige scene met een furieuze kameel. Naast de komisch romantische verwikkelingen rond Asa en Tulpan schetst Dvortsevoi een gedegen beeld van een oeroude nomaden cultuur die al eeuwen op de ruige steppe weet te overleven maar desondanks de invloeden van het moderne leven in de grote stad niet kan blijven negeren. Wat dat betreft sluit Dvortsevoi’s Tulpan aan in een recente reeks van films die zich op soortgelijke locaties en rond soortgelijke problematiek afspelen, waaronder Byambasuren Davaa en Luigi Falorni’s The story of the weeping camel (2003), Byambasuren Davaa’s The cave of the yellow dog, het betoverende Mongolian ping pong van Hao Ning uit 2005 en het prachtige Khadak van Peter Brosens en Jessica Hope Woodworth uit 2006. Maar in tegenstelling tot zijn voorgangers heeft Dvortsevoi zichtbaar meer moeite met het hanteren van een narratieve structuur dan het op naturalistische wijze tonen van het dagelijkse leven op de steppe. Dat komt breed uitgemeten, in fijne details in beeld waarbij de plot het onderspit delft. Er is te weinig aan verhaal om de 100 minuten aan beelden te rechtvaardigen. Dvortsevoi blijft teveel hangen in zijn verleden als documentaire filmer en observator aan de zijlijn die vooral registreert. Het verhaal wordt feitelijk gevormd door toevalligheden en werkelijke gebeurtenissen die zich voor de camera afspelen, losjes bijeengehouden door de plot van Asa. Tulpan is hiermee tot een exotisme geworden voor de liefhebber van verre culturen die via prachtige gefilmde beelden wil ontsnappen aan zijn eigen dagelijkse werkelijkheid. Sergei Dvortsevoi won in Cannes terecht de hoogste onder scheiding in de Un certain regard categorie. Dvortsevoi is, ondanks zijn onwennigheid in de verhalende speelfilm, een naam om te onthouden.
Constant Hoogenbosch ©Movie Machine 2009
|