|
Het afgelopen decennium heeft de Zuid-Koreaanse autodidact Kim Ki-duk een eigen plaats verworven op het platform van de internationale film. Sprekend met een breed palet aan visuele indrukken en hoogstandjes verwijst hij dialoog naar een tweede plan zonder daarbij aan zeggingskracht in te boeten. Diepe emoties zonder al teveel woorden lopen ook weer als een rode draad door Breath.
De zwijgzame gevangene Jang Jin (Chang Chen) zit in afwachting van zijn executie in de gevangenis. Hij neemt het heft in eigen handen wanneer hij een zelfmoordpoging onderneemt. Jang Jin overleeft en zijn daad wordt breed uitgemeten in de pers. Zo komt hij ook onder de aandacht van de verwaarloosde huisvrouw en kunstenares Yeon (Ji-a Park). Wanneer ze ontdekt dat haar man vreemd gaat besluit ze als een donderslag bij heldere hemel Jang Jin op te zoeken in de gevangenis. Deze kijkt uiteraard vreemd op wanneer daar ineens een wildvreemde vrouw voor zijn neus staat. Het blijft niet bij één ontmoeting en terwijl Jang Jin zijn onvermijdelijke lot afwacht lijkt Yeon een nieuw doel in haar leven te hebben gevonden. Ze blijft hem bezoeken en gedreven door haar eigen relationele sores begint ze de cel van Jang Jon aan te kleden. Er bloeit een mooie maar uitzichtloze romance op die gade wordt geslagen door de voyeuristische bewaker.
Chang Chen, eerder te zien in 2046 en Three Times, is een acteur afkomstig uit Taiwan en spreekt geen Koreaans. Nasynchronisatie was een optie geweest maar het gesproken woord heeft bij Kim Ki-duk nooit een vooraanstaande rol gespeeld. Deze keer lost hij dat praktisch op doordat Jang Jin bij de zelfmoordpoging zijn stembanden beschadigd en niet meer kan spreken. En zo belanden we wederom in de zwijgzame wereld van Kim Ki-duk, eerder gevisualiseerd in het wrange The isle, het poëtische Spring, summer, fall, winter... and spring, in het lieflijke Bin-jip en in 2005 met The bow.
Naast de aandacht voor de visuele weergave getuigen de films van Kim Ki-duk van een nauwe betrokkenheid bij intermenselijke relaties en doorgaans op kleine en intieme schaal. Dat vertaald hij deze keer naar een gevoelige romance met een ingetogen maar gepassioneerde vertolking van Chen en de aanvankelijk onderkoelde rol van Ji-a Park, die haar niet eenvoudige rol van emotioneel verscheurde echtgenoot bijzonder krachtig neerzet. Het zijn de acteurs die met hun subtiele spel alle aandacht naar zich toe zuigen. Kim Ki-duk heeft het scenario en de sets teruggebracht naar een sobere basis die weinig tot geen aandacht vraagt. Het zijn de ongemakkelijke en impulsieve relatie tussen Yeon en Jang Jin en de vreemde speling van het lot die hen samenbrengt die een zweem van magie over de plot leggen en de werkelijkheid overstijgen. De twee creëren immers hun eigen werkelijkheid, kapselen zichzelf in hun gevoelens voor elkaar en zetten de toekomst naar hun hand. Daarbij blijft het doodsvonnis van Jang Jin als een zwaard van Damocles boven hen hangen en wanneer we uiteindelijk ontdekken waarvoor Jang in de gevangenis op zijn executie wacht is dat niet te rijmen met de persoon die we samen zien met Yeon.
Met Breath beweegt Kim Ki-duk zich in een emotioneel niemandsland waar passie, impulsiviteit en ambiguïteit de voornaamste drijfveren en elementen vormen. Hij slaagt er wederom in een krachtig drama te presenteren. Breath sluit naadloos aan in de lijn van zijn hoogwaardige en gestileerde drama’s en openbaart zich als een waardige aanvulling op zijn inmiddels aanzienlijke oeuvre.
Constant Hoogenbosch ©Movie Machine 2008
|