Er maakte zich een bijzonder warme herinnering meester van ondergetekende toen Le ballon rouge van Albert Lamorisse op de releaselijst verscheen. Het moderne magisch- realistische sprookje uit 1956 is zonder twijfel een van de meest fantasievolle en mooi gemaakte kinderfilms aller tijden dat de tand des tijds waardig heeft doorstaan. Het is tijd voor de betovering van een hele nieuwe generatie.
In een buitenwijk van Parijs komt een klein jongetje op een nevelige ochtend in aanraking met een grote felrode ballon, die sterk afsteekt tegen de grauwe straten en woonhuizen. Hij weet het touwtje van de ballon te pakken en neemt hem mee op weg naar school. Maar overal waar hij komt wordt er met onbegrip gereageerd op de ballon. Hij mag er niet mee in de tram, eenmaal op school moet de ballon buiten blijven en als hij ’s middags thuiskomt duwt zijn oma de ballon uit het raam. Wonderwel blijft de ballon hangen en wacht op het jongetje. Vanaf dat moment zijn de ballon en het knaapje onafscheidelijk. De vriendschap tussen de jongen en de ballon wordt danig op de proef gesteld wanneer jaloerse knapen proberen de ballon te stelen. Wanneer ze daarin slagen heeft dat een bijzonder wonderlijk schouwspel tot gevolg.
Het is geweldig om te zien hoe Albert Lamorisse met zo weinig middelen en een eenvoudige opzet zoveel diepgang kan bewerkstelligen en van de ballon een werkelijk karakter kan maken. Waar Tom Hanks in Cast Away de volleyball nog een naam moest geven heeft het zoontje van Lamorisse, dat de rol van het jonge ventje speelt, vrijwel geen woorden nodig om de hele film door te komen. De genegenheid tussen de jongen en zijn ballon is gevoelig, warm, oprecht en nergens absurd. Het is een mooie constatering dat Le ballon rouge vijftig jaar na zijn première nog steeds een betoverende werking heeft op jong en oud. Ook op de Taiwanese filmer Hou Hsiao-hsien, die zich voor zijn recente film The flight of the red balloon liet inspireren door Le ballon rouge.
Le ballon rouge wordt opnieuw uitgebracht samen met Crin-blanc (White mane), dat Lamorisse drie jaar voor Le ballon rouge maakte. Crin-blanc toont ondanks de overeenkomsten een minder fluwelen aanpak. Hier sluit een jongetje vriendschap met een prachtige witte hengst, die achterna wordt gezeten door een stel ranchers. De toon is alleen minder toegankelijk en een voice over brengt de beelden bij elkaar. Beide films tonen het meesterschap van Lamorisse dat ook na een halve eeuw filmgeschiedenis nog tot de verbeelding spreekt en ook nog vele jaren zal doen. Daarbij opgemerkt dat van de beide films Le ballon rouge de betere is.
Constant Hoogenbosch ©Movie Machine 2008
|