James Bond vs. Mission Impossible
Nadat de twee Bondfilms met Timothy Dalton als de geheime Britse spion qua inkomsten erg tegenvielen was het voor de producers duidelijk dat er een ommezwaai in het concept moest komen. Martin Campbell werd gevraagd om op de regiestoel plaats te nemen en Pierce Brosnan werd ingehuurd voor de rol van James Bond. Gezamenlijk maakten zij in 1995 Goldeneye, die nog altijd geldt als één van de betere Bonds uit de reeks. In 1996 verscheen Mission Impossible die in 1999 een vervolg kreeg met Mission Impossible II. Zowel de Bondfilms als de Mission Impossible reeks kenden een soortgelijke opbouw en het werd steeds meer een strijd welke van de twee de meest waanzinnige speciale effecten en gadgets tevoorschijn kon toveren. De belangrijkste basiselementen van een film, een goed verhaal en goede acteerprestaties, werden naarmate de delen elkaar opvolgden meer en meer overboord gegooid, wat de kwaliteit niet ten goede kwam. Na het toch wel teleurstellende Die Another Day was het duidelijk dat er echt eens wat veranderd moest worden aan de franchise en dus werd Campbell opnieuw binnengehaald en werd Craig gevraagd voor de rol van Bond.
Voor de de productie van de score werd er weinig aan het vaste team gemorreld. David Arnold keert terug als componist en ook de rest van zijn team is weer aanwezig. Het enige wat veranderen moest was de toon. De laatste jaren gaf Arnold Bond steeds meer een technosound, ook als gevolg van de steeds meer in de film aanwezig zijnde technische snufjes. Maar met Casino Royale, die een veel klassiekere aanpak van de franchise hanteert, moest ook een veel klassiekere score geschreven worden. David Arnold kende echter ook de strijd tussen James Bond en Mission Impossible en wilde koste wat koste een kopie van Michael Giachinno’s Mission Impossible III, die zijn score volstopte met koperblazers, vermijden. Arnold maakt op deze score dan ook vooral veel ruimte vrij voor de strijkinstrumenten, percussie en een vleugje (elektrische) gitaar die de score een moderne tint meegeeft. Toch is de score niet geheel gevrijwaard van synthesizers, maar ze spelen hier eerder een ondersteunende dan een overheersende rol.
Tracklist
Wat direct opvalt aan de tracklist is dat, voor het eerst in de geschiedenis, de titelsong van Bond, dit keer geproduceerd door Rockartiest Chris Cornell, ontbreekt. Dit alles ten gevolge van een ruzie tussen Sony en het label waar de zanger bij aangesloten is. Erg jammer want dit rocknummer werkt in combinatie met de getekende openingsbeelden verassend goed. De titelsong zal wel op singel worden uitgebracht, dus de echte fans zullen er aan kunnen geraken, maar het is alleszins vreemd te noemen dat het op deze manier afgehandeld wordt.
Casino Royale
Geen Bondsong dus als intro en ook het overbekende thema doet ditmaal geen dienst als introductie. Wat dan wel? De opening is ‘African Rundown’, een 6 minuten durende actiesequence, waarin vooral de verschillende slaginstrumenten opvallen. We horen flarden van het Bondthema, maar ze worden veelal overstemd door de voortrazende percussie. De track heeft een leuke en spannende opbouw, maar wordt naar het einde toe toch wel erg chaotisch. De track duurt erg lang en omdat Arnold zijn muziek nauwelijks naar een climax brengt is dit een toch wat tegenvallende opening.
De twee tracks die erna volgen zijn het tegenovergestelde van ‘African Rundown’. De componist introduceert hier een nieuw thema dat door de rest van de score wel regelmatig terugkomt maar nooit echt wordt uitgewerkt. Opvallend is hoe minimalistische de muziek klinkt waardoor hij weinig boeiend is om te beluisteren. ‘Blunt Instrument’ kent weer een feller karakter en bevat een fraaie variatie op het Bondthema.‘Solange’ herbergt de eerste noten van het liefdesthema dat Arnold schreef voor deze score. Qua instrumentatie ligt het echter dicht tegen de thematiek van John Barry’s scores aan en het is derhalve weinig vernieuwend te noemen.
Na het ook al niet bijzonder ‘Trip Aces’ gaat Arnold los in ‘Miami International’ een actietrack van meer dan 12 minuten! Het kent een soortgelijke opbouw als in ‘Antonov’, de langste track van ‘Die Another Day’. De eerste paar minuten zijn goed opgebouwd met violen, blazers en een breed scala aan percussie. De track herbergt dezelfde thematiek als in ‘African Rundown’ te horen is, hoewel het hier lang wat gestructureerder klinkt. Maar ook hier verzuimt Arnold naar het einde toe écht werk te maken van een gedegen uitwerking. De instrumentatie blijft standaard, nagenoeg op dezelfde toonhoogte en ook speelt de componist weinig met het volume. Hierdoor blijft de track, ondanks dat het goed begint, erg eentonig. Goed bedacht, slecht uitgevoerd en dan voel je als filmmuziekliefhebber de bui al hangen.
De angst voor een tegenvallende score wordt verder versterkt in de daaropvolgende tracks die naast flarden van het liefdesthema vooral zachte, zeer minimalistische muziek bevatten. Zij kunnen dan wel belangrijke sleutelscènes in de film ondersteun, op CD, zo zonder de beelden, zijn het nietszeggende composities.
‘Stairwell Fight’ is de derde, kortste, maar duidelijk de beste actietrack van de score, omdat Arnold hier nu precies doet wat hij bij de twee voorgaande tracks verzaakte te doen; spelen met de verschillende mogelijkheden en volumes van de instrumenten. Maar hierna wordt de muziek weer saai en begint het steeds meer op een score voor een suspense film te lijken dan op een soundtrack voor een actiefilm van het kaliber James Bond. De percussielijn in ‘Dirty Martini’ mag dan wel dreigend zijn, echt los komt hij niet waardoor wederom een teleurstellend gevoel overheerst. En waar is de overbekende James Bond tune eigenlijk gebleven, want ook die hebben we dan nog altijd niet in zijn basisvorm gehoord.
‘City of Lovers’ laat ons de volledige versie van het liefdesthema horen, maar ook hier is de uitwerking weer minimaal. De piano klinkt mooi en gezamenlijk met de strijkers is het een degelijke compositie, maar wel een van het soort’dertien in een dozijn. ‘The Switch’ is de laatste actietrack en wel beschouwd de finale van de score. Wederom horen we de Afrikaanse percussie uit de ouverture en is de opbouw vergelijkbaar te noemen met ‘Stairwell Fight’. Het wordt echter nergens de knallende finale waarop ik hoopte. Na ‘Fall of a house in Venice’ volgen nog twee tracks die puik dienst doen in de film maar op CD amper de moeite van het beluisteren waard zijn. Dan in track 25 ‘The name’s Bond…James Bond’ horen we eindelijk het James Bond thema, duidelijk veel klassieker maar nog altijd goed herkenbaar en een feest voor het oor.
Teleurstellend
Casino Royale luidt duidelijk een nieuwe tijdperk in. Martin Campbell heeft werkelijk een ‘topper van formaat’ afgeleverd en acteur Daniel Craig snoert al in de opening direct alle critici de mond. De nieuwe weg die Arnold in is geslagen voor zijn score heeft echter voor weinig kwaliteitstoename gezorgd. Het ontbreken van een titelsong en de aloude Bondthematiek zijn een groot gemis gebleken. Arnold wilde te graag een nieuwe sound creëren, zonder echt vaarwel te kunnen zeggen aan de standaard instrumentatie. Het levert een score op die veel wil, maar niets brengt en uiteindelijk strandt in zijn slechte uitwerking van wat eens een goed plan was. Op verschillende filmmuzieksites waren critici lovend, dus de verwachtingen waren hooggespannen. Maar op geen enkel moment lost Arnold die verwachtingen in, zijn score stelt vooral erg teleur!
TRACKLIST
1. African Rundown (6:52)
2. Nothing Sinister (1:27)
3. Unauthorized Access (1:08)
4. Blunt Instrument (2:22)
5. CCTV (1:30)
6. Solange (0:59)
7. Trip Aces (2:06)
8. Miami International (12:43)
9. I’m the Money (0:27)
10. Aston Montenegro (1:03)
11. Dinner Jackets (1:52)
12. The Tell (3:23)
13. Stairwell Fight (4:12)
14. Vesper (1:44)
15. Bond loses it all (3:56)
16. Dirty Martini (3:49)
17. Bond wins it all (4:32)
18. The End of an Aston Martin (1:30)
19. The bad die young (1:18)
20. City of Lovers (3:30)
21. The Switch (5:07)
22. Fall of a house in Venice (1:53)
23. Death of ********* (2:50)
24. The Bitch is Death (1:05)
25. The Name’s Bond… James Bond (2:49)
Coen Haver
©Movie Machine 2006











